dinsdag 23 november 2010

Kwiebus (chipkaart deel 2)

Hoera, mijn chipkaart werkt. Ik kan reizen op saldo en geniet daarvan. Geen kaartje kopen, maar je pas voor een paal houden en instappen. Mijn reisdoel was het universitair ziekenhuis in Groningen. De reis begon uitstekend. Voor de paal, pieng, zitten, wegrijden. Snelle overstap in Zwolle en volgens schema de aankomst in Groningen. Een beetje raar dat ik me hierover verbaas, maar dat gaat vast wennen als NS echt zo punctueel is als ik wel eens lees.

Op de NS-site heb ik mijn vervolgroute geprint. Om 10 uur vertrekt de bus richting Siddeburen. Niet de eerste route die bij me opkwam om aan de rand van het centrum van Groningen te komen, maar ik geloof de site blind. Ik heb een paar minuten om over te stappen. Da's fijn, want de bus staat in de hoek van het busplein. Gelukkig zit er een dakje boven de halte, want de bus is tien minuten vertraagd. Daar lees of hoor ik niets over, zoals bij routepanelen elders in het land, maar ik merk het. Het effect is hetzelfde, maar voelt minder prettig. Ik stap de treeplank op met mjn chipkaart in de hand en zie dat er wel aanmeldpalen zijn, maar dat ze nog niet werken. Dat komt slecht uit met een vrijwel lege portemonnee. Ik vraag om een kaartje naar het ziekenhuis, maar de chauffeur moet me teleurstellen. Daar komt hij niet. Ik moet bus 8 of 22 nemen. Ik roep iets over de NS-site, maar hij blijft er bij.

Platzak
Bus 22 komt over 10 minuten. Tijd genoeg om even te pinnen. Een automaat ontdek ik niet, maar ik weet dat je bij AH ToGo extra mag pinnen. Alleen pinnen vind ik stom, dus ik bestel een kaasbroodje. Helaas koud. Gewapend met 20 euro meld ik me bij de buschauffeur. Die schudt zijn wijze hoofd. Van zo'n groot bedrag heeft hij niet terug. Ik vermoed humor, maar hij blijft er bij. Ik kieper mijn portemonnee om en heb precies genoeg. Sterker nog, ik houd 5 cent over.

Als voorbereiding koop ik bij het ziekenhuis weer iets onnozels om mijn biljet klein te maken. Bij deze bushalte is geen afdakje maar wel hardere regen. Na 9 minuten wachten ben ik doorweekt. Intussen zie ik een sliert auto's de parkeergarage uitrijden, zoals ik voor de chipkaart ook altijd deed. In gedachten hoor ik Tracey Thorn door de luidsprekers schallen en voer ik in volledige privacy een handsfree telefoongesprek.

De busmaatschappij heet hier Q-buzz. Dat staat vast voor qualitybus. Misschien past rare Kwiebus beter. Het goede nieuws is dat het bedrijf nog potenties heeft om de kwaliteit te verbeteren.

donderdag 18 november 2010

NS is geen openbaar vervoer

In mijn studietijd reisde ik veel met de trein. Later deed ik dat steeds minder frequent en op het laatst 'verkocht ik mijn trein'. Maar een paar frustrerende ervaringen met hele lange files later, begon ik te beseffen dat het best slim is om met de trein naar een afspraak te reizen die zich op station Utrecht afspeelt. Ik besloot dat bij mijn nieuwe visie op het leven ook een statement hoort: ik moest zo'n ov-chip hebben. Dat kwam door medereizigers die ik gadesloeg. Erg gaaf dat je je pasje voor een paal houdt en dat alles geregeld is.

Aanvragen ging best simpel. Wat gegevens achterlaten op de site van de chipkaart en dat was het ongeveer. Vijf dagen later kwam er een brief met pasje thuis. Daar moest ik nog mee naar een geautoriseerd chippunt en ik kon reizen, las ik. Bij het NS-loket kreeg ik een indrukwekkende stempel. Het was denk ik een hobby van de lokettist, stempelen. Hij liet het slaghout met zo’n lel op het papier komen, dat ik instortend kantoormeubilair vreesde. Maar alles bleef heel. Misschien had de man heimwee naar de tijd dat je nog stempels kreeg bij de douane of het postkantoor. Alles wordt anders, maar de NS koestert tussen alle bits en chips de historie. Mooi!

Alles leek me nu in orde, maar het poortje vond dat niet. Door een krappe planning kocht ik toch maar een gewoon kaartje. Thuis achter het computerscherm zou ik alles nog even doornemen. Plots ontdekte ik dat mijn automatisch oplaadbedrag vermoedelijk te laag was. De chipsite had me niet verteld dat NS minstens 20 euro op je kaart wil zien, anders mag je niet mee. Dus ik verhoogde het bedrag en ging vol vertrouwen naar het station. Het paaltje ontdekte toch nog een foutje en gilde heel hard.

De informatiebalie van NS leek me de aangewezen locatie voor meer informatie. Daar dachten meer mensen zo over, maar toen vier ov-gefrustreerden en een niet-Nederlander met een buitenlands reisdoel in alle rust waren geholpen of althans weer wegliepen, kon mijn gesprek beginnen. Met schaamte ontdekte ik mijn naïviteit. Ik had me aangemeld voor reizen met de ov-kaart. Voor de bus was alles nu dik in orde. Alleen reis ik daar nooit mee. Maar bij NS was nog niet bekend dat ik reisplannen had. Daar moest ik me nog apart voor aanmelden. Dat kon niet bij deze mevrouw, omdat een en ander ook met financiële machtigingen van doen had en dat kon zij uiteraard niet verzorgen. Privacy en zo. Mevrouw had de regels niet bedacht, dus het leek me zinloos mijn emoties met haar te delen. Verdrietig was ik wel. Mevrouw was van goede wil: ze gaf me een stukje papier met instructies mee. Niet in de zorgvuldige NS-opmaak met blij lachende treinreizigers van alle leeftijden, maar een ogenschijnlijk zelf getypt briefje. Ik vermoedde veel domme klanten. Dat troostte me.

Na een beetje internetten kreeg ik de overtuiging dat nu toch alles in orde was. Ik liep naar de paal op het NS-station, haalde volgens instructie mijn bestelling 'reizen op saldo' op en hield mijn pasje weer voor de incheckpoort. Helaas. Volgens de loketmedewerker had ik niet aangegeven welke klasse ik wilde reizen. Leek me raar. Aanpassen kon zij niet vanwege een computerstoring. Thuis gedaan, ik dacht alles in orde, bestelling opgehaald, pasje voor de paal. Automatisch laadbedrag lager dan 20 euro. Had ik toch gedaan? Nou ja, foutje zeker. Bij loket, tijdje wachten, kan ik niet voor u doen, belt u 0900 nummer, die regelen het direct. Kwartiertje gepraat, trein gemist, sorry computer stuk, probeert u het vanavond zelf. Aangepast, blij naar afhaalpunt, pasje voor paal, naar de lokettist. Waarschijnlijk is pasje vies. Goed gepoetst, voor de paal, helaas. Dag gewacht, andere lokettist, oh ik zie het al er stond iets fout? Durfde niet te vragen wat. Voor de paal, hé het werkt! Maar ik wil niet reizen. Gauw vragen. Drie minuten wachten, weer pas voor de paal, reis geannuleerd. Dag later, wel een reisdoel, pasje werkt nog steeds.

En zo zat ik te genieten in de stiltecoupé. Ze hebben zelfs gratis draadloos internet. In de stiltecoupé is het echt stil. Nou ja, behalve die bellende mevrouw, maar die vindt denk ik dat ze heel stil belt. Ze is welwillend. Na tien minuten zegt ze tegen de onbekende: 'joh, ik zit in de stiltecoupé, dus ik hang op.' Er is zelfs treinentertainment. Bij elk station zegt de omroeper: 'denk aan uw bagage. En neem die mee!'. Na tien stations is de boodschap niet meer zo verrassend, maar kan je een beetje voorpraten. Ook leuk. Ook reizigers participeren in de humor. Er rennen wat jongeren door de stiltecoupe, terwijl ze, ontzettend leuk, heel hard roepen 'wat een stilte hier'.

Uiteraard regel ik thuisgekomen onmiddellijk het pasje voor mijn dochter (herhaal vanaf alinea 2).

zondag 14 november 2010

Cultuursubsidie is een prima investering

Ik ben een week in Athene, lucky me. Hoog boven me de Acropolis, een van de hoofdredenen dat ik hier ben met mijn gezin. Ik heb er 3 vliegtickets voor over gehad, duur geparkeerd bij de luchthaven, een pendeldienst ingeschakeld en vanaf het vliegveld een taxi genomen naar mijn hotel. Daar heb ik 100 euro per nacht neergelegd voor een prima kamer. In Athene zelf heb ik veel koffie besteld op leuke terrasjes, prima gegeten in restaurantjes en de middenstand verblijd met een aantal inkopen. Het openbaar vervoer is beter van me geworden, doordat ik wat kaartjes heb aangeschaft.

Toch al snel een duizendje of twee voor een week plezier. Dankzij de Acropolis en andere gebouwen die de bevolking in de afgelopen millennia heeft laten staan. En ik ben niet de enige die het geld laat rollen. Ik lees op internet dat er per jaar zo’n 10.000 Nederlanders naar Athene vliegen. En dan hebben we het nog niet over de talrijke Amerikanen, Chinezen en anderen die ik tegenkom. Die Acropolis levert ettelijke miljoenen per jaar op. Geen idee hoe dat ging 4.500 jaar geleden, maar ik kan me voorstellen dat ze ook toen wel eens aanhikten tegen investeringskosten. Maar ze hebben het er dik uit. Het nieuwe filmtheater in Deventer kost een miljoen of 20. Meteen doen, zou ik zeggen.

Is cultuur duur? Lijkt me niet. Ik zit in de Bergkerk voor een mooi concert. Terwijl de musici hun werk doen, droom ik alle kanten op. Na het applaus, realiseer ik me dat ik er weer fris tegenaan kan. Mijn geest is opgeruimd en herordend. Rondom het concert kom ik bekenden tegen en om mij heen zie ik veel mensen druk in gesprek. Hier worden klokken gelijk gezet, plannen gemaakt en ideeën uitgewisseld. De spin off van zo’n concert moet enorm zijn. Duurzaam ook: ik las dat een belangrijke voorwaarde voor maatschappelijk verantwoord leven is dat je geestelijk in balans bent. Want onbalans zorgt voor onnodige consumptie. Denk aan het zoveelste paar schoenen of een vliegreisje naar Athene. Zo’n concert vergt wat subsidiegeld, maar maatschappelijk verdient het zich makkelijk terug.

En dat geldt ook voor de voetbalwedstrijd van onze plaatselijke Jupilerleaguevertegenwoordiger Go Ahead Eagles. Ik heb niet veel met de businesslounge, maar daar worden zaken gedaan. En ook voor de ‘gewone’ supporter is het interessant. Vanuit alle hoeken en gaten van de stad en de regio zie ik ze naar het stadion komen. In het supportershome is iedereen in druk gesprek. De liefde voor de club bindt, slaat bruggen. Er wordt gediscussieerd en veel gelachen. Op de tribune gaat dat onverminderd door. En na de (gewonnen) partij kunnen ze er weer tegenaan.

Tja, en dan blijkt dat het kabinet wil snijden in cultuursubsidies. Daar kan ik me weinig bij voorstellen, want ik ben er van overtuigd dat cultuur meer oplevert dan het kost. Door voorstellingen te bezoeken en door zelf te zingen, te acteren, of op een andere manier bezig te zijn. Gezien het maatschappelijke belang en de hedendaagse netwerksamenleving zou ik er eerder een paar miljoen extra in investeren. Cultuur en sport moet voor iedereen bereikbaar zijn. Dat levert een betere wereld (en voor wie dat belangrijker vindt, ook geld) op!